• Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size

Heel maken

E-mailadres Afdrukken

Lezing: Gedicht en Matteus 18, 21 - 35

cobi

Het was op een dinsdag in augustus, het nieuwe schooljaar pas één dag oud. Ik was leerkracht van groep 4, de 2e klas. Een jongetje van net zeven jaar kwam heel bedremmeld naar me toe. Half stotterend beloofde hij geen foutjes te zullen maken. De angst stond in zijn ogen te lezen. Ik hurkte, keek hem aan en zei: 'weet je, van mij mag je best fouten maken. Want dan kan ik je juist goed helpen bij de dingen die je nog wil leren.'

Gaandeweg het jaar ontdekte ik hoeveel pijn dit kind moest verduren omdat zijn ouders hem ongenadig straften voor iedere fout die ze hem zagen maken. Ze wisten niet goed om te gaan met het handelen en reageren van hun eigen kind.

Goed omgaan met elkaar is een kunst. Het vraagt om vaardigheden als geduldig en liefdevol zijn, begrip tonen en met mildheid kijken. Maar ook mededogen hebben en de ander kunnen vergeven schept de noodzakelijke ruimte van leven. Door zo'n houding naar elkaar kun je als mens groeien; kun je worden en zijn wie je ten diepste bent. Die levenskunst ontdek je het beste als je hem zelf ervaren mag.

Om daarin een weg te wijzen gebruikt Jezus parabels. Hij vertelt ze aan zijn leerlingen maar tegelijk ook aan ieder die ze daarna leest en hoort. Ze houden ons mensen een spiegel voor. Een spiegel over geduldig zijn, bijvoorbeeld, bij alles wat je zaait: in je manier van doen en met woorden. Over aandacht geven aan mensen die je levenspad kruisen, denk aan de barmhartige Samaritaan. Een spiegel over onrecht aan zoveel mensen in de marge vanwege het machtsmisbruik van medemensen. Over het belang van kunnen vergeven in plaats van mensen in het openbaar te schande zetten. In de weerspiegeling door Jezus kun je zien hoe je de vruchten van de aarde het beste kunt delen zò dat iedereen genoeg heeft om te leven. Eigenlijk hele gewone verhalen uit het leven van alle dag. Gebeurtenissen die we zelf mee kunnen maken of waar we soms misschien wel een rol in spelen.

De parabel van vandaag laat duidelijk zien hoe verschillend je kunt handelen. Iemand met een gigantische schuld ziet geen enkele kans meer om die af te lossen. Hij moet bij zijn schuldeiser op het matje komen en dreigt al zijn bezit kwijt te raken, zijn huis met alles wat daarin zit, ja zelfs zijn vrouw en kinderen. Maar het hart van de schuldeiser ontdooit bij de jammerklacht van de dienaar.

Wat een geluk heeft die man en heel zijn familie, dankzij deze nobele schuldeiser. Daar stroomt je hart toch van over, dan ga je toch mild en gelukkig naar huis. Het tegendeel gebeurt zodra hij zelf een schuldenaar tegen komt, verhardt zijn hart. De man die zoveel geluk heeft gehad is niet in staat het ook die ander te gunnen. Daardoor richt hij, zo laat Jezus zien, uiteindelijk zichzelf ten gronde. Als je zo tegenstrijdig handelt, breek je alles wat is opgebouwd aan vergeving en mildheid totaal af. Eigenlijk is deze man ziek van eigen belang.

Wie goed doet, goed ontmoet; daar draait het om. Het zou mooi zijn als dat kleine zinnetje de grondslag van ons denken, spreken en handelen vormt. Haar betekenis wordt versterkt door de wederkerigheid die erin zit: je kunt immers evengoed zeggen: wie goed ontmoet, goed doet, dus… Wie vergeving krijgt, leert zo zelf te vergeven. Liefdevol gehoord worden helpt je om liefdevol te luisteren. Geduldig omgaan met anderen en geduld ontvangen van een ander. Aandacht ontvangen en aandacht geven. Dat alles is leven vanuit een open hart.

Pas dan werkt het, denk ik, ten volle voor ieder mens die je ontmoet. Zijn we daarvoor niet juist geschapen. om elkaar te doen groeien. te helen. 'Helen' = 'heel maken' = 'heiligen': elkaar ruimte geven om te kunnen leven zowel met het positieve, het goede dat we in ons dragen als met het negatieve, de schaduwkant van ons leven. Want beide kanten horen bij een mens, moeten ge- en erkend worden, pas dan ben je 'HEEL' als mens.

Maar juist rond die schaduwkant ligt het lastig: wie durft te erkennen dat je soms heel driftig wordt, dat je jaloers bent. Mag een ander weten van je slepende ziekte of van je verslaving? Hoe je lijdt omdat je hulpbehoevend bent, of diep in de schulden zit?

Harry Brouwers illustreert de worsteling van zieken met hun schaduwkant in een artikel voor Ziekenzondag. Sommige mensen, zegt hij, die onverwacht in een ziekenhuis terecht komen voelen zich klein worden en vooral heel afhankelijk. Ze hebben het gevoel anderen tot last te zijn. Ze voelen zich een last voor de verpleging en voor de mensen die hen bezoeken: voor hun eigen familie en vrienden. Daarom houden ze maar hun mond en durven nauwelijks te vragen wat ze willen weten of nodig hebben. Juist zij hebben attente bezoekers nodig die echt naar hen luisteren, mensen die hun terughoudendheid en voorzichtigheid begrijpen en doorbreken.

Als je de kamer van een ernstig zieke binnenstapt, betreed je heilige grond, zegt hij.

Waarom? Omdat op die plek de zieke moet kunnen helen, zich uiteen moet zetten met die schaduwkant; en haar samenvoegen met de andere kant van zijn bestaan. Jij kunt daarbij een helpende hand bieden. Door vooraf te beseffen dat het een kwetsbaar, gevoelig gebeuren is. Het komt er echt op aan wat je zegt en doet.

Het is belangrijk dat je als bezoeker, open bent, de zieke alle ruimte geeft; dat je niet alvast een antwoord invult of de richting van het gesprek bepaalt. Laat de zieke vertellen wat hem dwars zit of op dat moment juist plezier aan beleeft. Misschien wil hij wel wat weten over jou, over wat er speelt in zijn buurt, op zijn werkplek of is hij benieuwd naar jouw kleinkinderen.

Zie hem vooral als mens in zijn HELE ZIJN en niet alleen in dat stuk ziek-zijn. Aan dat gevoel kan een zieke zich optrekken, dat helpt hem om zijn gebrokenheid een plek te geven. Geldt dat eigenlijk niet voor alle manco's die ons in het leven kunnen overkomen? Het zou mooi zijn als we er voor elkaar kunnen zijn zoals het gedicht het verwoordt.

Jij hebt mij gezien
en niet alleen maar bekeken.
Je hebt gehoord
wat ik nog niet kon zeggen.

Jouw zorg maakt me niet afhankelijk.
Van jouw zorg knap ik op.

Bij jou voel ik me veilig en vertrouwd
kan ik mezelf zijn.

Mogelijk klinkt het als een ode wat te mooi, maar het is zeker een verlangen dat leeft; kennelijk kan het voor zieken zo voelen. En al weten we dat het niet makkelijk is, we kunnen het minstens uit proberen. Zonnebloemen laten zien hoe het moet; zij zeggen: 'keer je naar de groeizijde, blijf niet achterom kijken naar wat pijn doet, dat breekt je kracht; maar richt je op hoop'. Zonnebloemen keren zich naar het licht om zo ook hun schaduwzijde te laten beschijnen, die kan dan warm worden, wat kil en verhard is ontdooit; je hele wezen groeit. Zo wordt het geheel, ja alles lichter.

Wie goed doet, God ontmoet zeggen we ook wel. In dat LICHT bezien, dragen ontmoetingen mogelijk goddelijke tekens in zich. Als ze getekend zijn met liefde, aandacht, zorg en vergeving, mildheid en begrip. Zo kan ieder mens die goed doet en goed ontmoet of goed ontmoet en goed doet goddelijke tekens ervaren of doorgeven, uiteindelijk tot heil en zegen van alle mensen.

Ik ben dat jongetje van net zeven jaar veel later nog eens tegengekomen. Hij liep fier rechtop met zijn zoontje aan de hand te wandelen. Zo te zien een HEEL gelukkig mens.

Ziekenzondag - weekend 10/11 september 2011