Zaterdag was ik de voorganger bij een uitvaart van een goed mens. Over de doden niets dan goeds, zei mijn opa altijd, maar in dit geval was iedereen het er over eens, het was een goede man. Dus koos ik als lezing een stuk uit Galaten 5 over de vruchten van de Geest: liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Eigenschappen die op hem van toepassing waren. Bijzonder voor iemand die aan het eind van de oorlog zijn leven totaal ziet veranderen door een granaatscherf. Bevrijding betekende voor hem niet weer meer levensruimte maar juist leven met beperkingen.
Het is heel bijzonder als je dan aan het eind van iemands leven mag vasstellen dat iemand erin geslaagd is daardoor niet de muziek uit zijn leven liet halen.
Zijn dochter bracht een mooi en tot nadenken stemmend verhaal mee over een violist die moest lopen met beensteunen en krukken. Tijdens het concert knapte een snaar. Hij stond niet op om een nieuwe te halen, hij vroeg ook niet de viool van de eerste violist. Hij sloot zijn ogen en speelde de muziek met drie snaren. Waar hij vastliep zocht hij een omweg. Het werd een schitterend concert en toen men hem na afloop vroeg, waarom hij deze oplossing had gekozen zei hij: "soms is het de taak van een kunstenaar om te ontdekken hoeveel muziek je toch nog kunt maken met wat je nog voer hebt. Bij velen van u is wel ergens in hun leven een snaar gebroken. Ook u bent iets kwijtgeraakt wat u nooit meer terug zult krijgen. God wil dat wij als kunstenaars ontdekken hoeveel muziek er toch nog in ons leven zit. Ook als je maar drie snaren over hebt".
| < Vorige | Volgende > |
|---|




